Holy bread, appels en keeltabletten

DSC_0389Vanmorgen gingen we om zes uur naar het strand om op de uitkijk te gaan staan en zo nodig bootvluchtelingen aan land te helpen. We hebben inmiddels nachtkijkers, dat is ideaal. We speurden het de zee af, maar zagen geen bootjes. De zee was ook behoorlijk onrustig. Wellicht was dat de reden dat er weinig mensen aankwamen. We zagen wel een klein rood lichtpuntje in de verte, dat we niet konden plaatsen. We dachten even dat het een lampje van een zwemvest kon zijn, maar het bleef op dezelfde plek en ging niet mee met de stroming.Toen de zon eenmaal op was, reden we naar een ander punt op het eiland om daar te kijken of er bootjes aan kwamen. We zagen in de verte één bootje. Na een tijdje wachten en turen, kregen we in de gaten hoe ze vaarden en probeerden we zo dicht mogelijk bij de verwachte aankomstplek te komen met de bus vol spullen. Alles ging heel snel op dat moment. Je voelt toch wel een zekere opwinding dan. Gewapend met water en mueslirepen haastten we ons het strand op. Daar aangekomen bleek de kustwacht het bootje opgepikt te hebben en konden we zien dat de vluchtelingen aan boord van het schip stapten. Die waren in ieder geval veilig! We keken nog even goed of verder nog boodjes waren, maar die zagen we niet. Tijd om te gaan ontbijten.

Na het ontbijt zijn we aan de slag gegaan met het sorteren van kleding. Kleding voor mannen, vrouwen, kinderen en baby’s apart. Alle broeken bij elkaar, alle truien bij elkaar, enzovoorts. Er was/is veel gebrek aan warme vesten. We zijn dan ook erg blij met de twee koffers vol vesten die we in Nederland gekregen hebben en mee konden nemen. Hoewel dat in Nederland veel leek, lijkt het nu maar heel weinig. Na het kledingstorteren zijn we met elkaar bij Italiamo gaan zitten om even bij te komen. Dit Italiaanse restaurant zit naast het appartement van Stichting Bootvluchteling en is ook een beetje het stamcafé. Als je blogs van andere vrijwilligers hebt gelezen: dit is het restaurant dat vrijdag pizza’s heeft gebakken voor de vluchtelingen. Hier konden we lekker even bijkomen. Toen we even zaten met alle vrijwilligers en een blikje cola voor ons, kwam de eigenaar naar ons toe met een stukje brood, gewikkeld in een verkreukelde servert. “Wat moeten we daar nou mee?” dacht ik. “For you, it’s Holy Bread.” Een aantal vrijwilligers keek hem vragend aan. “Holy Bread, from church,” zei hij. Euh, was dit een soort avondmaal? Een stukje in servet gewikkeld brood, met cola? Maar ook wel onzettend lief van hem, dat hij aan ons dacht toen hij naar de kerk ging. Anke brak het brood voor ons. Vrouw in het ambt, ook dat nog. 😉 Toch herinnerde het ons er even aan dat het zondag is vandaag.

Om half twaalf gingen we naar de kade om water en appels uit te delen. Dat doen we elke dag. Om half zes staan we er weer en dan delen we water en bananen uit. Gisteren hebben we dat voor het eerst meegemaakt. Op het moment dat we aan komen rijden rennen de vluchtelingen al naar de plek waar we gaan uitdelen. Hier wordt een lange rij gevormd, zodat het uitdelen georganiseerd verloopt. Vrouwen en kinderen gaan voor. Gisteravond viel het me op hoe ontzettend snel en efficiënt dit allemaal ging. En ik heb me echt even afgevraagd, hoe ik ervoor kan zorgen dat ik dit niet als een robot doe. Dus ik kijk iedereen even in de ogen en zeg iets als ‘hello’, ‘goodmorning’ of ‘how are you?’. De mensen zijn echt blij met hun appel of banaan en flesje water. Het is tegelijk ook goed opletten, want er zijn altijd jonge mannen die proberen om iets te krijgen terwijl ze niet in de rij staan of die proberen voor de tweede keer wat te krijgen. Een vrijwilliger gaat daarom achteraan de rij staan. Een andere vrijwilliger gaat het een klein stukje van voren staan, zodat niet iedereen tegelijk naar voren stormt. Je moet streng zijn, maar eigelijk is het altijd wel op te lossen met een lach. In de trant van ‘Jammer joh. We hebben je door. Ik zou het ook geprobeerd hebben, maar we trappen er toch niet in.’

DSC_0395

Hierna hebben we, terwijl de andere vrijwilligers gewoon even een praatje gingen maken, met twee vrijwilligers wat kleine medische dingen gedaan. Het gaat dan om huis, tuin en keuken dingetjes, zoals paracetamol geven aan mensen met hoofdpijn, kleine wondjes ontsmetten met betadine, keeltabletten uitdelen en vooral aandacht geven. We hebben geen medische achtergrond, dus als er mensen zijn met wat ernstigere klachten verwijzen we hen door naar artsen zonder grenzen of zo nodig het ziekenhuis. Artsen zonder grenzen is er alleen niet op zondag, dus het was nogal druk op ons ‘spreekuur’. De mensen bleven maar komen. En ook hier weer grote dankbaarheid. Eén iemand wilde zelfs met mij op de foto, hoewel ik alleen maar een schoon verbandje om zijn knie had gedaan. Er kwam ook iemand met enorme jeuk, zijn beide armen zaten vol muggenbulten. Gelukkig hadden we daar ook een zalfje voor. Een paar kleine meisjes die ook zulke muggenbulten hadden, kwamen ons later bloemen brengen die ze gepukt hadden. Die hebben we in ons haar gestoken. Verder kwam er een meneer met een dikke enkel. Hij hinkte en kon zijn schoen niet aan hebben. “It’s broken,” zei hij. Wellicht was het inderdaad gebroken. Het kan ook zijn dat het alleen verstuikt was. Maar ik zei dat hij even naar het ziekenhuis moest. Dat wilde meneer echter niet, want hij kon vanavond mee met de ferry naar Athene. Hij zei dat hij door wilde reizen naar Duitsland en daar wel naar de dokter zou gaan. Ik heb hem op het hart gebonden dat het echt nodig was, maar verder is het ook zijn eigen keuze. Ik heb hem maar paracetamol gegeven om de pijn te stillen. Dat ‘spreekuur’ heeft behoorlijk veel indruk op mij gemaakt. Ik kon zo weinig doen. De meeste mensen begrijpen nauwelijks Engels, dus je moet veel met gebaren communiceren. En ik heb in een grijs verleden een keer een EHBO curus gevolgd, maar dat diploma is allang verlopen. Tegelijk weet ik weet ik ook wel hoe het voelt om keelpijn te hebben en is het fijn als je dan paracetamol of een keeltablet kan nemen. Keelpijn komt veel voor bij de vluchtelingen. Wat wil je ook: natte kleren, op straat slapen in een dun tentje en ook nog eens veel stress, wat niet bepaald goed is voor je weerstand. Ik was echt moe na het ‘spreekuur’. Ik voelde me zo incapabel, terwijl de vluchtelingen enorm dankbaar waren en de stroom patiënten niet op leek te houden. Na een uur zijn we gewoon gestopt en gaan lunchen. Stoppen is altijd moeilijk. Of het nou met het uitdelen van fruit en water is of met het doen van ‘medische’ handelingen. Iedereen wil aandacht en ze volgen je nog tot de auto. En dan zijn er ook nog de toeristen die willen weten wat we doen en hoe ze kunnen helpen. Regelmatig krijgen we donaties van hen, in de vorm van geld of spullen.

Inmiddels is het weer tijd om te gaan. We moeten zo water en bananen uitdelen. En Jaap zegt dat hij keelpijn heeft. 😉

Groetjes, Harma

Een voorspoedige reis, my friend

Rond lunchtijd zijn we geland op Kos International Airport. Grote naam voor een klein vliegveldje. De reis ging voorspoedig. Vannacht om 3:00 uur stonden we op en na ontbijt, afwas en het inpakken van de laatste toiletspulletjes reden we richting Brussel. Bij de long term parking ontstond even wat stress, omdat het inrijden niet lukte. Uiteindelijk kwam er een mannetje kijken en konden we toch ons ticket scannen, waarna de slagboom open ging. Het inchecken van de bagage en de security controle verliep soepel. En zo kwam het dan we om 6:00 uur al lekker aan de koffie zaten. Jaap hoefde er geen croissant bij, maar at toch gretig het laatste deel van de mijne op. We hebben op heerlijke loungebanken zitten wachten tot het tijd werd om naar de gate te gaan. Daar konden we bijna meteen doorlopen het vliegtuig in. We bleken helemaal op de achterste rij te zitten. Bij het opstijgen was het nog donker, het begon net een beetje te schemeren. Toen we hoger in de lucht kwamen en de eerste wolkenlaag gepasseerd waren, zagen we een mooie roze gloed van de opkomende zon. Een prachtig gezicht zo boven de wolken. Vervolgens passeerden we een andere wolkenlaag en daarboven scheen de zon uitbundig. In één keer was het dag. Zo vredig om daar boven de wolken te vliegen. Ik moest denken aan een liedje dat ik op de kleuterschool geleerd heb: “Boven de wolken, boven de wolken, daar woont God de Heer. Hij zal voor je zorgen, nu en morgen, altijd weer. Altijd weer!” Hij zorgt voor ons, bij alle ellende die we wellicht zullen zien deze week. Ook het vliegen over de alpen was prachtig. Al die besneeuwde bergtoppen! Je kon zien hoe de wolken bleven hangen in het dal. En uiteindelijk kon je de rivieren volgen, die uitkwamen in de zee. We hebben nog een beetje gedut, aangezien we weinig slaap hadden gehad en zo ‘vloog’ de drie uur durende vlucht om.

Aangekomen op Kos hebben we een taxi genomen naar het hotel. Hoewel de chauffeur in een grote Mercedes reed, was het wel proppen met onze vier koffers. De chauffeur stapelde gewoon de hoogte in, waardoor de kofferklep niet meer dicht kon en deze met touw moest worden vast gemaakt. Toch grappig dat we de koffers wel in onze Opel Corsa kregen. (Oké, met de bank plat dan.) We werden netjes voor het hotel afgezet, waar we hartelijk ontvangen werden door moeder en zoon. Toen ze zagen hoeveel bagage we bij ons hadden, stelde moeder voor om ons morgen een grotere kamer te geven. Maar aangezien veel spullen voor Stichting Bootvluchteling zijn en we weinig zin hebben om te verkassen, hebben we dat aanbod afgeslagen. We kregen een welkomstdrankje en ondertussen allerlei uitleg over wat mooi was in Kos. We vertelden dat we hard aan de slag gaan voor Stichting Bootvluchteling en geen tijd hebben voor dat soort dingen, maar dat landde niet echt volgens mij. Dus we hebben maar beleefd geluisterd. We kregen een kaartje van ‘my friend’ de restauranteigenaar waar je lekker kunt dineren. En een kaartje van ‘my friend’ de lunchroomhouder voor als we ergens willen luchen. Toen we vervolgens vroegen waar we fietsen konden huren, kwam hij met ‘my friend’ de fiets- en brommerverhuurder op de proppen. Wel een echte vriend denk ik, want de fietsen van hem stonden voor het hotel. Ideaal! Hij belde even met zijn vriend om er een ‘special price’ voor ons van te maken. Hij noemde een bedrag aan Jaap: “for you, my friend”. Naast vrienden, neemt ook zijn moeder een belangrijke plaats in.Toen we zoonlief vertelden dat we het niet nodig vonden om van kamer te switchen zei hij dat hij dat door zou geven aan zijn moeder. Toen we vroegen wanneer we moesten betalen, bij aankomst of bij vertrek, zei hij dat hij dat aan zijn moeder zou vragen. Kortom, als je hem iets vraagt is de reactie ‘even aan mijn moeder vragen’. Voor de duidelijkheid: ik schat dat hij wel een jaar of veertig is. Maar hij zit dus nog dik onder de plak.

Op dit moment hebben we even de tijd om bij te komen van de reis. We hebben afgesproken om de andere vrijwilligers om half vijf lokale tijd (=half vier in NL) te ontmoeten. Ben benieuwd!

Bedankt!

Morgenochtend vroeg vertrekken Harma en ik naar Kos. Om daar voor een week te helpen om de vluchtelingen welkom te heten. Afgelopen dagen stonden dan voornamelijk in het teken van de voorbereidingen.

En in die voorbereidingen hebben we gemerkt dat er veel mensen om ons heen staan en ons steunen en op die manier ook de vluchtelingen.  Ik wil in deze blog met name een paar hoogtepunten vermelden.

Allereerst was er de PostNL pakketservice. We hadden een pakketje gemist wat dringend mee moest naar Kos. En die pas morgen opnieuw aangeboden zou worden. Dus gebeld met PostNL, de situatie uitgelegd. En wat blijkt opeens blijkt er iets mogelijk te zijn wat normaal niet mogelijk is. De postbode kwam ’s avonds nog speciaal voor ons terug. Huld aan PostNL!

Niet te vergeten de vliegmaatschappij die ons gratis extra bagage geeft! En wij dus nu met vier volle koffers op stap kunnen.

Waarmee zijn de koffers gevuld? Met vesten die we de afgelopen week ingezameld hebben. Wat een hoop vesten hebben we gekregen. We hebben ook nog wat medische spullen in de koffer die we op het laatste moment nog van de apotheek en van een thuiszorgorganisatie gekregen hebben. Ook hiervoor heel veel dank.

En niet te vergeten al die mensen die ons financieel gesteund hebben. Er zijn een hele hoop giften binnengekomen bij Stichting Bootvluchteling.

Wij kunnen nu gaan slapen en morgen vroeg opstaan en we zijn blij en dankbaar voor alles wat we gekregen hebben.